
“Het waren pieken en dalen.
Met gelukkig vaak fucking mooie uitzichten.”
Het is fair to say dat ik nogal een dromer ben. Daar ben ik me heel goed van bewust, want als je mij vraagt wat ik allemaal wil zijn of worden, dan zou ik zeggen: een astronaut die (zee)dieren bestudeert terwijl ik de wereld verbeter door geld in te zamelen voor goede doelen door middel van zelfbedachte sportevents en eigenhandig zorg draag voor de verdeling en uitvoering van de opbrengst.
Met als hobby’s onder andere plantentovenaar, (berg)hobbelaar en filosoferen terwijl ik alles vastleg op film. Tussendoor probeer ik op het vliegveld nog ongezien een rondje op de bagageband te voltooien, omdat dit nog op mijn bucketlist staat. Oh ja, en ik studeer ook nog Chinees, Russisch en doe nog vele andere cursussen, zoals hoe je zelf augurken kweekt. EN…
‘Gosh Els, stop it, dat kan niet…’
Ja, je hebt gelijk. Mijn punt is duidelijk, ik zal kappen. Maar eigenlijk ben ik nog lang niet klaar.
In mijn vorige verhaaltje vertelde ik al dat ik volledig denk in beeld. Daar waar menig mens denkt: hoe komt ze hier bij? Nou, ik zie het helemaal voor me. Alles.
Maar vandaag ga ik mijn paradoxale kant weer maximaal in de schijnwerpers zetten, want naast een dromer ben ik ook een realist. Tja, bij mij kunnen twee (of ook wel tien) waarheden naast elkaar bestaan. En ik ga het bewijzen.
Venus
Vorig jaar mocht ik mee op een persreis, die plaatsvond in de duinen aan de kust. Geen idee wat ik ervan moest verwachten, maar het bleek dat de Freek Vonk van de sterren ons in het donker meenam voor een lesje universum.
Blijer kun je mij niet maken, want ik mocht iets nieuws leren en kon eindeloos veel ‘waarom dan’-vraagjes stellen terwijl we achter deze enthousiaste dude huppelden.
Daar is het niet bij gebleven, want als ik eenmaal heb besloten dat ik iets tofs vind, dan moet ik daar van mezelf nog meer over weten. Grote kans dus dat wanneer het donker wordt, je mij richting de lucht ziet turen. Op zoek naar herkenbare schitteringen in de vorm van sterren, planeten en meer.
Laatst zag iemand dit verschijnsel in real life en kreeg ik daarna de opmerking dat iemand deze fascinatie romantisch vond. Nu draag ik daar zelf ook aan bij, want ik zet dan op Instagram een melancholisch muziekje onder mijn vastgelegde vondsten, alsof ik de marsmannetjes op mijn blote knietjes bedank voor mijn bestaan.
Terwijl ik in werkelijkheid weet dat alles wat daarboven staat heel anders functioneert en iets anders symboliseert.
De betekenis geven we er uiteindelijk zelf aan.
Om een voorbeeld te geven: Venus. De planeet die vernoemd is naar de Romeinse godin van de liefde, schoonheid, vruchtbaarheid, verlangen en overwinning. Waarom? Omdat deze planeet vroeger door holbewoners werd gespot en opviel omdat het zo’n magisch lichtpuntje was.
OH MY GOD, dat is toch zoetjes?
Nou ehm, ik ga bij deze de bubbel even doorprikken.
Wetenschappelijk gezien is Venus namelijk allesbehalve romantisch. Het is de heetste planeet in ons zonnestelsel. Mocht je daar naartoe willen op huwelijksreis, dan kun je je zonnebrand rustig thuislaten, want je koopt een ticket naar een crematorium. Lijkt me niet de bedoeling als pasgetrouwd stelletje.
De reden dat ze zo helder en opvallend is, komt omdat deze planeet extreem veel zonlicht terugkaatst. Niet omdat ze zelf zo fel is, maar omdat ze wordt omringd door dikke wolken van zwavelzuur. Je ziet dus helemaal niet haar eigen licht, maar de weerkaatsing van het licht van de zon.
Venus is dus eigenlijk een soort spiegel.
WOW.
Tja, sorry, maar dit zijn de feiten.
‘Waarom vertel je dit, Elise?’
Nou, omdat als je een dromer bent, je de realiteit niet uit het oog moet verliezen. En als realist moet je niet vergeten te dromen.
Living the dream
Vanaf 2020 leef ik eigenlijk al een vrij onrustig bestaan. Na jaren werken en keihard sparen was reizen mijn grote droom. Om het samen te vatten zag dat er ongeveer zo uit:
Alle spullen verkopen om voor onbepaalde tijd te kunnen reizen, startend in Thailand.
Na twee weken kwam covid, werd ik het land uit ge-sawatdeed en kon ik weer terug naar Nederland om bij mijn ouders te gaan wonen.
In de tussentijd kochten we een huis, gingen weer werken en nog meer sparen om na een jaar onze woning weer te verkopen en in 2022 opnieuw te vertrekken. Dit keer samen.
Ondertussen moesten we door omstandigheden weer terug naar Nederland om voor enkele maanden bij mijn toenmalige schoonfamilie te gaan wonen.
Om vervolgens nogmaals te vertrekken en na twee maanden in 2023 weer terug te keren naar Nederland. Om te scheiden.
Weer bij mijn ouders. Weer naar een tijdelijke woning. Terug naar mijn ouders.
En inmiddels leef ik al meer dan twee jaar in een huurhuis waar ik ook bijna uit moet om, jawel, wéér tijdelijk terug te gaan naar mijn ouders.
Pfoh. Ja, je zou denken dat je bovenstaande niet moet willen. Maar ik persoonlijk zou er niks aan willen veranderen.
Dromen hebben een prijs en ja, die van mij had een hele hoge. Van de inmiddels zes jaar heb ik er meer dan een jaar van kunnen profiteren. Er zijn veel dingen die ik niet had kunnen voorspellen, maar dat doet er ook niet toe.
Wat ik namelijk nooit eerder heb benoemd, is dat de realiteit van het leven van mijn droom mooier was dan ik me had kunnen voorstellen.
Niet omdat alles perfect was.
Maar omdat het echt was.
Het was niet alleen maar cocktails consumeren tussen het salsadansen door met een siësta ter onderbreking.
Wij kwamen iedere dag terecht in de realiteit. Rauw en precies zoals het is.
Het waren pieken en dalen. Met gelukkig vaak fucking mooie uitzichten.
Wat het van mij heeft gemaakt?
Nederig.
Ik ben 33 jaar en ondanks dat bovenstaande opsomming klinkt als één groot fiasco, was het allesbehalve dat.
Ik heb beelden op mijn netvlies die goud waard zijn.
Die ik niet mag vergeten van mezelf. Ze staan symbool voor wat er echt toe doet.
Want wat voor mij het meeste telt?
Ik heb zelf nog nooit iets gelaten omdat de werkelijkheid nog wel eens tegen zou kunnen vallen of pittig te verteren zou zijn.
Dat deed ik alleen. Maar ook samen met mijn toenmalige grote liefde.
Er zijn ik weet niet hoeveel mensen die wachten op iets, of denken in ‘wat nou als…’
Ik kan je vertellen dat op ieder moment dat er een kink in de kabel kwam, ik geen enkel moment heb gedacht:
‘Oei, beter van niet Els’.
Dat dit niet voor altijd zou zijn, was sowieso geen nieuws. Dat was een feit. Er zou een moment komen in het leven dat het ophield. De (gezamenlijke) reis.
Maar let op.
Dat dit mijn grote droom was, wil niet zeggen dat er geen nieuwe voor in de plaats is gekomen.
Het woord ‘grote’ klinkt ultiem, maar het is eigenlijk gewoon een gradatie.
Daarboven staat groter.
En daarna hebben we zelfs nog grootst.
Grotere
In de tussentijd heb ik nooit stilgezeten en zelfs al wat nieuwe dromen bedacht. Eentje daarvan was voor mezelf beginnen en van mijn passie mijn werk maken. Ik startte een eigen onderneming als content creator, maar daarbij viel de realiteit behoorlijk tegen.
Daar waar ik een bepaalde visie had, hebben anderen die ook. Wat helemaal terecht is, maar het beperkte mij in mijn vrijheid en creativiteit. Het ging ten koste van mijn liefde voor het maken van beelden.
Deze keer was het het niet waard.
Sowieso durf ik best toe te geven dat het de afgelopen jaren voor mij vaak heel moeilijk was om in de realiteit te blijven. Mijn ervaringen zijn voor veel anderen een hele grote ver-van-hun-bedshow.
Wat oké is, maar het was constant koorddansen tussen wat nou van mij was en wél tot de mogelijkheden behoorde, en wat van een ander.
Anderen wilden ook graag hun realiteit met mij delen. Goed bedoeld, maar niet altijd helpend.
Blijven dromen hield mij overeind, want de realiteit deed daarnaast ook wel eens pijn.
Misschien is dat uiteindelijk de grap.
Ik heb geen rust gevonden ná de chaos.
Ik heb rust gevonden ín de chaos.
Morgen start ik opnieuw aan een tijdelijk avontuur, waardoor ik voor veel mensen weer met het ‘normaal’ meedoe. Ik heb geen idee wat ik daarvan ga vinden.
Wat ik wel weet, is dat wat ik ga doen er voor mij toe doet. Ik mag mensen helpen. Veel van die mensen hebben de keuzes die ik heb niet. Die zijn niet opgegroeid in dit welvarende kikkerlandje waarbij voor de meerderheid de mogelijkheden oneindig zijn.
Dat voelt voor nu goed, omdat ik daarmee én een verschil kan maken én verder kan werken aan mijn nieuwe grotere droom.
Die inmiddels voor mezelf vrij helder is.
Elke prijs die ik er in de tussentijd voor betaal, is het in ieder geval nu al waard.
Grootste
In mijn leventje zijn er al heel wat dromen in duigen gevallen.
Maar er zijn er ook genoeg geweest die ik wél heb geleefd.
En eentje daarvan ontdekte ik pas onderweg.
Ik wist niet eens dat die bestond.
Ik kwam per ongeluk in de afgelopen jaren onderweg mijn allergrootste liefde tegen. Eentje die niks meer gaat overtreffen.
Pak even een teiltje, want ik vind dit zelf ook te walgelijk cliché voor woorden, maar euhm… tja.
Ik ben het dus zelf.
Ugh, ja sorry.
Die plek is hartstikke bezet en dat gaat niet meer veranderen, tot de dood ons scheidt.
En mocht reïncarnatie bestaan, dan hoop ik dat ik een gezellige vogel word en dan nog net zo vrolijk en content door het leven fladder.
Motivatie
Wat ik sinds kort ook van mezelf weet, is dat ik niet aan externe motivatie doe. Dat werkt bij mij dus hartstikke niet.
Ik weet van mezelf dat er maar één iemand is die mij in de benen krijgt en onder druk kan en mag zetten. Dat ben ik zelf.
Ik ga niet harder wanneer iemand tegen mij loopt te tetteren. Sterker nog, ik ga daar compleet van in gaapstok-modus.
Ik moet er zelf de meerwaarde van inzien. En als ik daar extra informatie voor nodig heb, dan vind ik het helemaal lief als je bereid bent mij die te geven.
Dat is ook een van de redenen dat ik mijn dromen niet meer zomaar deel. Dat sluit eigenlijk wel mooi aan op mijn voorgaande stuk. Mensen willen er iets van vinden of er een stempel op drukken.
Zeker omdat ik vooral word gezien als een dromer, zijn er genoeg mensen die denken mij te moeten voorzien van een lesje realiteit.
Maar the joke is dat ik echt een paradox ben.
Zacht en hard.
Emotioneel en rationeel.
Dromer en realist.
Ik kies voor mezelf, maar er is genoeg ruimte voor anderen.
Ik kan ergens vol voor gaan en tegelijk twijfelen of het wel logisch is.
Als ik in goede doen ben, zoals inmiddels alweer een tijd, dan werken die twee kanten constant samen. Tegelijk zelfs.
Ik praat met mezelf.
Ik denk na over mijn eigen denken.
Ik observeer, bouw en sla het vervolgens weer hartstikke kapot om het opnieuw te bekijken.
Links. Rechts.
Om ergens in het midden te eindigen.
Dat wil niet zeggen dat ik geen foute keuzes maak, maar wel dat ik mezelf kan corrigeren, gebaseerd op mijn eigen ervaring, algemene kennis, gevraagde meningen én feiten.
En om uit te leggen wat ik bedoel met mensen die hun eigen realiteit op jouw droom plakken, zal ik er weer een geinig zelfbedacht scenario tegenaan flikkeren.
Oeh, dit vind ik dus het allerleukste om te doen. Let’s go.
Gerichte pijlen
Ik snap dus niet zoveel van darten. Ik weet heus dat het de bedoeling is dat je met een pijltje het bord raakt, maar dat er mensen bestaan die gepersonaliseerde shirts maken en dit beschouwen als hun grote passie?
Naja, dat staat nogal ver van mij af.
Stel dat mijn buurman zijn grote droom is om de nieuwe Raymond van Barneveld te worden. Die knakker traint zich de pestpokkepleuris.
En dan kom ik aan kakken met ‘mijn ervaring’.
Ik heb namelijk ooit een keer in de krant gelezen dat er tijdens de plaatselijke finale in Appelscha iemand onwel werd en per ongeluk zijn dartpijl richting de gokkast gooide. Waar de onschuldige Kees zat, die elke avond van 18:00 tot 20:00 zijn fooi probeerde te vertienvoudigen.
Heel tragisch.
Want Kees werd die avond blind.
Dan kan tegen mijn buurman gaan zeggen:
“Ik zou een andere droom kiezen, want darten is LEVENSGEVAARLIJK.”
Maar volgens mij praat ik dan echt dikke onzin?
Ik heb er namelijk de ballen verstand van, want ik doe dit dus nooit.
Mijn buurman die elke dag daar staat weet het toch echt wel beter dan ik. Gezien zijn ervaring. En die beste man kan zelf wel bepalen of dit het risico waard is.
En als ik dan vervolgens ook nog ga verkondigen dat ik er zelf helemaal mesjogge van zou worden (mogelijk zelfs agressief), omdat de presentator altijd veel te hard schreeuwt:
“OOOONEEEE HUNDRED AAAAAND EIGHTY!!!”
Dan zou ik, als ik mijn buurman was, zeggen:
“Meid, pleur een eind op en ga iemand anders lastigvallen met je eigen issues.”
En eerlijk?
Daar zou hij groot gelijk in hebben.
Zijn keuze, zijn droom.
BULLSEYE, vriend.
Kiezen
En ook ik moet kiezen. Niet in hoe ik denk, maar wel in wat ik wil. Want die opsomming in mijn intro gaat ’m niet worden. Iedereen moet kiezen, want er zitten potverdikkie maar 24 uur in een dag en er hangt ook nog eens een time cap op ons leven.
Hoe jammer ik dat soms ook vind.
Want ja, in mijn hoofd kan ik prima tegelijk astronaut, plantentovenaar, documentairemaker, bergbeklimmer en professioneel augurkenkweker zijn. Daar werkt dat allemaal hartstikke goed samen.
Alleen de realiteit heeft daar zo haar eigen mening over.
En kiezen betekent ook iets laten. Niet omdat het niet mooi genoeg is of was, maar simpelweg omdat er maar één pad tegelijk bewandeld kan worden.
En dat is ergens ook wel weer geruststellend, want anders zou ik echt knettertje leip worden.
Maar kiezen betekent voor mij niet dat de rest verdwijnt.
Het betekent alleen dat sommige dromen een andere vorm krijgen. Dat de nieuwsgierigheid blijft, ook als het pad verandert. Dat het avontuur niet stopt omdat de route anders loopt dan gepland.
En misschien is dat wel precies mijn paradox:
ik blijf een dromer, maar ik raak echt niet zomaar van het padje.
Tot slot
Eindigen met pruillipjes vind ik zonde, dus ik voel me toch een beetje verantwoordelijk om het liefdes imago van Venus weer enigszins te redden.
Het is wederom lekker dubbelzinnig. De saaie realistische versie is óók mijn waarheid, maar dit is de leuke versie, vind ik zelf. Want eerlijk is eerlijk: dat Venus eigenlijk een spiegel is, maakt haar mijn favorietje. Dol op reflectie.
Zo heb ik bijvoorbeeld wel eens in mijn hoofd een gesprekje met mijn overleden opa. Heel gezellig. Hij zegt ook altijd rake dingen, zelfs al vind ik dat niet altijd even leuk.
Alleen praat ik helemaal niet met hem.
Ik praat gewoon met mezelf.
Ik heb het alleen een andere vorm gegeven. Met alles wat ik diep van binnen al weet. Wat hij waarschijnlijk zou zeggen. Maar vooral wat ik zelf al lang voel.
Hij is dan het licht.
Maar het antwoord dat terugkomt is gewoon de weerkaatsing van mezelf.
Met al mijn gekozen dromen werkt het hetzelfde. Kan ik de realiteit net zo waarderen als de fantasie?
Als mijn antwoord ja is, dan zit ik goed.
Dus ja, ik praat soms met mijn opa. Maar ik weet heus wel dat ik het zelf ben.
Laat me.
En wat mijn ‘grote’ liefde betreft? Tja, liefde is ook een spiegel.
Je ziet iets in iemand.
Maar wat je ziet wordt verlicht door wat al in jou zit.
Aantrekking is vaak herkenning.
Projectie.
Verlangen dat teruggekaatst wordt
Daarom is het vinden van mijn grootste liefde eigenlijk ook helemaal geen toeval. Want soms denk je dat je iets of iemand anders hebt gevonden.
Terwijl je eigenlijk gewoon een stukje van jezelf tegenkomt.
En dat is eigenlijk ook wel zo praktisch.
Scheelt weer zoeken.